Nieuwe hoop voor het vredesproces tussen Israël en Palestina?
In de wijk Sheikh Jarrah in Oost-Jeruzalem woedt al decennia lang een felle strijd tussen de huidige Palestijnse bewoners en enkele Joodse organisaties van kolonisten die claimen dat zij recht hebben op de grond. Palestijnse inwoners van de wijk worden uit hun woningen gezet of bedreigd met ontruiming. Postief is dat nu een groot aantal Palestijnen en Israëliers zich dit onrecht hebben aangetrokken. Zij startten gezamenlijk een campagne om de rechten van de betrokken families te verdedigen: de Sheikh Jarrah Beweging.
Palestijnse families sloegen door de oorlog van 1948 op de vlucht naar het toen nog Jordaanse deel van Jeruzalem. In ruil voor een VN-vluchtelingenstatus kregen deze Palestijnse families in 1956 in Oost-Jeruzalem woningen toegewezen. Na de Zesdaagse Oorlog van 1967 werden deze families geconfronteerd met een claim van een Joodse organisatie, die beweerde dat zij het eigendomsrecht had op het stuk land. Dit eigendomsrecht was gebaseerd op oude overdrachtsregelingen uit het Ottomaanse rijk van bijna een eeuw eerder. Hoewel de herkomst en de authenticiteit van de stukken lastig viel vast te stellen, waren deze papieren wel de basis voor een langdurig proces. Toen in het najaar van 2009 daadwerkelijk vier Palestijnse families uit hun huis werden verwijderd, met de dreiging dat dit met nog veel meer families zou gebeuren, ontstond een spontane, levendige protestbeweging. Deze bestaat uit zowel Israeliërs als Palestijnen die zich verzetten tegen de gestage inlijving van Oost-Jeruzalem door de Joodse kolonisten.
Elke vrijdag verzamelden enkele honderden actievoerders vanuit het hele land zich in de wijk Sheikh Jarrah om vreedzaam te demonstreren voor de rechten van de Palestijnse inwoners. Op 6 maart waren zelfs vierduizend mensen aanwezig bij een van de meest inspirerende demonstraties in de recente geschiedenis, waar Israëliers en Palestijnen gezamenlijk optrokken. Door deze wekelijks groeiende beweging kreeg de wijk veel aandacht in de media en werd de internationale gemeenschap gedwongen zich uit te spreken over deze kwestie. De beweging werd zelfs door internationale verslaggevers aangemerkt als de nieuwe hoop voor het vredesproces.
De groeiende beweging ontsnapte natuurlijk niet aan de aandacht van de politie. Sinds december 2009 zijn meer dan honderdtwintig actievoerders aangeklaagd, de meeste onder het mom van 'illegale samenscholing'. In mei 2010 nam de repressie een grimmige wending toen de politie met veel geweld een vreedzame demonstratie uit elkaar sloeg, waarbij verschillende deelnemers armen en ribben braken en veertien gevangen werden genomen. De rechtbank bestempelde de geweldloze protesten van de Sheikh Jarrah Beweging meerdere malen als legaal. Dit weerhoudt de politie er niet van om door te gaan met dit harde optreden en de demonstranten te confronteren met valse aanklachten.
Steeds meer activisten zijn gearresteerd en hebben juridische hulp nodig. De kosten voor de Sheikh Jarrah beweging zijn daarom enorm gegroeid. Advocaten moeten worden ingehuurd om de activisten tijdens de rechtszaken te helpen. Daarnaast zijn bussen nodig voor de reis vanuit Tel Aviv en weer terug. Maar de activisten laten zich echter niet zo snel uit het veld slaan. Met het organiseren van benefietconcerten en door bijdragen van lokale en buitenlandse sympathisanten verzamelt de beweging geld om haar strijd voort te kunnen zetten. Ook XminY werd om een bijdrage gevraagd, waar wij onmiddellijk gehoor aan gaven, gezien het belang van de beweging en het breed gedragen protest van zowel Israëlische, Palestijnse als buitenlandse activisten.
Palestijnse families sloegen door de oorlog van 1948 op de vlucht naar het toen nog Jordaanse deel van Jeruzalem. In ruil voor een VN-vluchtelingenstatus kregen deze Palestijnse families in 1956 in Oost-Jeruzalem woningen toegewezen. Na de Zesdaagse Oorlog van 1967 werden deze families geconfronteerd met een claim van een Joodse organisatie, die beweerde dat zij het eigendomsrecht had op het stuk land. Dit eigendomsrecht was gebaseerd op oude overdrachtsregelingen uit het Ottomaanse rijk van bijna een eeuw eerder. Hoewel de herkomst en de authenticiteit van de stukken lastig viel vast te stellen, waren deze papieren wel de basis voor een langdurig proces. Toen in het najaar van 2009 daadwerkelijk vier Palestijnse families uit hun huis werden verwijderd, met de dreiging dat dit met nog veel meer families zou gebeuren, ontstond een spontane, levendige protestbeweging. Deze bestaat uit zowel Israeliërs als Palestijnen die zich verzetten tegen de gestage inlijving van Oost-Jeruzalem door de Joodse kolonisten.
Elke vrijdag verzamelden enkele honderden actievoerders vanuit het hele land zich in de wijk Sheikh Jarrah om vreedzaam te demonstreren voor de rechten van de Palestijnse inwoners. Op 6 maart waren zelfs vierduizend mensen aanwezig bij een van de meest inspirerende demonstraties in de recente geschiedenis, waar Israëliers en Palestijnen gezamenlijk optrokken. Door deze wekelijks groeiende beweging kreeg de wijk veel aandacht in de media en werd de internationale gemeenschap gedwongen zich uit te spreken over deze kwestie. De beweging werd zelfs door internationale verslaggevers aangemerkt als de nieuwe hoop voor het vredesproces.
De groeiende beweging ontsnapte natuurlijk niet aan de aandacht van de politie. Sinds december 2009 zijn meer dan honderdtwintig actievoerders aangeklaagd, de meeste onder het mom van 'illegale samenscholing'. In mei 2010 nam de repressie een grimmige wending toen de politie met veel geweld een vreedzame demonstratie uit elkaar sloeg, waarbij verschillende deelnemers armen en ribben braken en veertien gevangen werden genomen. De rechtbank bestempelde de geweldloze protesten van de Sheikh Jarrah Beweging meerdere malen als legaal. Dit weerhoudt de politie er niet van om door te gaan met dit harde optreden en de demonstranten te confronteren met valse aanklachten.
Steeds meer activisten zijn gearresteerd en hebben juridische hulp nodig. De kosten voor de Sheikh Jarrah beweging zijn daarom enorm gegroeid. Advocaten moeten worden ingehuurd om de activisten tijdens de rechtszaken te helpen. Daarnaast zijn bussen nodig voor de reis vanuit Tel Aviv en weer terug. Maar de activisten laten zich echter niet zo snel uit het veld slaan. Met het organiseren van benefietconcerten en door bijdragen van lokale en buitenlandse sympathisanten verzamelt de beweging geld om haar strijd voort te kunnen zetten. Ook XminY werd om een bijdrage gevraagd, waar wij onmiddellijk gehoor aan gaven, gezien het belang van de beweging en het breed gedragen protest van zowel Israëlische, Palestijnse als buitenlandse activisten.
Gepubliceerd op 01-08-2012