Search |
De Schipholbrand voor het Europese hof voor de rechten van de mens gebrachtComité Rechtsherstel DE SCHIPHOL-BRAND VOOR HET EUROPESE HOF VOOR DE RECHTEN VAN DE MENS GEBRACHT - Aan de initiatiefnemers en deelnemers met betrekking tot de campagne tot het doen vervolgen van de (ex-)ministers Donner en Verdonk wegens het opleggen van een wrede en onmenselijke behandeling aan de slachtoffers van de Schiphol-brand vóór, tijdens en na de ramp - Aan mogelijke sympathisanten met deze campagne - Aan verdere belangstellenden eind april 2008 Beste mensen, 1. de strafklacht tegen Donner en Verdonk is aangebracht bij het Europese Hof voor de rechten van de mens Gelukkig hebben veel deelnemers aan de bovengenoemde campagne die we onlangs vroegen om korte termijn een machtiging in te sturen om de zaak tegen Donner en Verdonk voor het Europese Hof voor de rechten van de mens te kunnen brengen op tijd gereageerd, zodat we in staat waren op deze zaak op tijd Dank daarvoor aan degenen die hun machtiging zo snel verzorgden en het zo mogelijk maakten om op tijd de zaak bij het hof aan te brengen. Degenen die nog geen machtiging hebben ingestuurd, worden verzocht dit alsnog te doen. Hun machtigingen zullen dan naar het Europese Hof worden nagestuurd. 2. waar gaat het ook alweer over ? De initiatiefnemers tot en deelnemers aan de campagne tot vervolging van Donner en Verdonk hebben, vanaf het alleerste begin na de ramp, het standpunt ingenomen dat niet zomaar wat bewakers of witte boorden bij Justitie en Vreemdelingenzaken als verantwoordelijken voor de ramp strafrechtelijk vervold zouden moeten worden, maar de werkelijke verantwoordelijken voor de ramp: de ministers Donner en Verdonk, toen respectievelijk minister van Justitie en minister voor Vreemdelingenzaken. In de door velen van u ondertekende aangifte bij het Openbaar Ministerie (OM) te Den Haag tegen de ministers Donner en Verdonk, die we op 21 december 2005 in Nieuwspoort onder grote media-belangstelling presenteerden, werd breedvoerig aangegeven waarom niemand anders dan juist de ministers Donner en Verdonk persoonlijk strafrechtelijk aansprakelijk en individueel verantwoordelijk moesten worden gehouden voor de ramp en de gevolgen daarvan voor de slachtoffers. Deze aangifte tegen Donner en Verdonk was gebaseerd op het recht dat de laatste decennia tot stand is gekomen. En wel op nieuwe leerstukken van het internationaal humanitair recht, in dit geval op het verbod om personen te onderwerpen aan 'een wrede of onmenselijke behandeling', welk verbod de laatste tientallen jaren is neergelegd in een groot aantal mensenrechtenverdragen, zoals het Europees verdrag tot bescherming van de rechten van de mens, het Internationaal Verdrag inzake burgerrrechten en politieke rechten en het Verdrag tegen foltering. Een belangrijk aspect van dit 'nieuwe recht' is dan voorts ook dat schending daarvan als zo ingrijpend wordt beschouwd dat iedereen, zonder aanzien des persoons, daarvoor gelijkelijk als vervolgbaar moet worden beschouwd, dus zelfs staatshoofden en ministers. Op de persconferentie in Nieuwspoort gaven we al aan dat het, anders dan in het geval van Zuid-Amerikaanse dictators, nog nimmer vertoond is dat ooit enig westers regeringsfunctionaris voor dergelijke schendingen van internationaal humanitair recht strafrechtelijk is vervolgd door de 'eigen' justitie. Toch wilden we, zo stelden we al in Nieuwspoort, dit toch doorzetten. En wel om een aantal redenen. Allereerst is het natuurlijk zaak dat daadwerkelijk man en paard worden genoemd. De ministers Donner en Verdonk zijn de ware schuldigen en dienen dan ook als zodanig aan de kaak te worden gesteld. Zeker nu het recht een ontwikkeling heeft doorgemaakt die het ook formeel daadwerkelijk mogelijk maakt om personen op dit niveau strafrechtelijk aan te pakken voor misdrijven tegen het internationaal humanitair recht. Ten tweede biedt een dergelijke aanklacht in elk geval ook publicitair alle gelegenheid om de ministers Donner en Verdonk, ook los van de uitkomst van deze rechtsprocedure, te stigmatiseren en te criminaliseren als inderdaad de voor de ramp eerst aangewezen strafrechtelijk verantwoordelijken. Ten derde moet er ooit ergens een begin mee worden gemaakt en moeten ook de justitiële en juridische autoriteiten die met zo'n zaak als deze geconfronteerd worden er maar aan wennen dat ze met zoiets als de eis tot strafrechtelijke vervolging van, in dit geval, ministers te maken kunnen krijgen. En ten vierde weet niemand op voorhand welke resultaten, direct of indirect, met een dergelijke juridische campagne geboekt kunnen worden. In elk geval, zo kondigden we al bij de start van de campagne om Donner en Verdonk vervolgd te krijgen aan, bereidden we ons voor op een lange rechtsstrijd, waarbij we van plan waren om ook alle internationaalrechtelijke mogelijkheden uit te buiten om de ministers Donner en Verdonk aan te pakken. 3. van het OM naar het gerechtshof en naar de Hoge Raad Dat het OM al spoedig met een afwijzing van onze strafklacht tegen Donner en Verdonk kwam, kon weinig verbazing wekken: per slot van rekening was Donner zelf de hoogste politieke baas van het OM, dus iets anders viel niet te verwachten. Maar het Gerechtshof te Den Haag, waar we de zaak vervolgens aankaartten, had het er al moeilijker mee. Uiteindelijk koos het gerechtshof er voor om de zaak door te verwijzen naar de Hoge Raad. De Procureur-general bij de Hoge Raad - en soort vaste adviseur van de Hoge Raad - besteedde uitvoerig aandacht aan onze klacht tegen Donner en Verdonk en kwam met een advies van ruim 20 pagina's. Het ging hierbij om de vraag hoe onze eis tot vervolging van het door ons aan Donner en Verdonk toegeschreven misdrijf van het opleggen van een 'wrede en onmenselijke behandeling' aan de slachtoffers van de Schipholramp, als nieuw ontwikkeld internationaal recht van groot gewicht, zich zou kunnen verhouden tot het oude nationale recht. Dat oude, nationale recht schrijft voor dat ministers alleen strafrechtelijk vervolgd kunnen worden als de Kroon - dat zijn ze dus zelf - daartoe opdracht geeft, of een meerderheid van de Tweede Kamer daartoe het initiatief neemt - dat zijn dus hun politieke vrienden. Dat betekent dus dat ons oude, nationale recht, aan ministers een hoge mate van wat dan genoemd wordt : 'immuniteit van strafvervolging' toekent. Hetgeen dan in feite betekent dat ministers hier in Nederland eigenlijk alleen strafrechtelijk vervolgd kunnen worden als ze daar zelf (de Kroon) mee instemmen of als hun politieke vrienden (de kamermeerderheid) zich tegen hen keert. Maar het nieuwe internationale recht schrijft voor dat voor nieuw gearticuleerde misdrijven naar internationaal humanitair zoals 'het opleggen van een wrede of onmenselijke behandeling' aan personen altijd zonder aanzien des persoons vervolgbaar moeten zijn en ook zonder aanzien des persoons vervolgd moeten worden. Met andere woorden: het nieuwe internationale recht laat voor zo'n verregaande mate van immuniteit van ministers als ons oude, nationale recht aan onze ministers toekent, geen enkele ruimte als het gaat om dergelijke misdrijven als door ons jegens de ministers Donner en Verdonk aangevoerd. Die worsteling tussen oud en nieuw recht werd uiteindelijk door de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad beslist ten voordele van het oude, nationale recht. Met behulp van uiterst dubieuze redeneringen werd het onverenigbare tenslotte toch nog verenigbaar verklaard en werd het oude, nationale recht de hand boven het hoofd gehouden. Waarmee dan uiteindelijk - en daar ging het natuurlijk om - de ministers Donner en Verdonk de hand boven het hoofd kon worden gehouden. De Hoge Raad nam, in zijn uitspraak, deze redeneringen van de Procureur-Generaal over. Daarmee werd dan aan de ministers Donner en Verdonk, als (ex-)ministers, door de Hoge Raad een hoge mate van immuniteit toegekend ook als het gaat om strafvervolging voor misdrijven naar internationaal humanitair recht, zoals waarvan ze door ons worden beschuldigd: in dit geval dus het opleggen van een wrede en onmenselijke behandeling aan personen. De uitkomst van de procedures op nationaal vlak was dus uiteindelijk dat de Hoge Raad bepaalde dat onze ministers immuniteit dienen te genieten van strafvervolging terzake van ernstige misdrijven naar internationaal recht. 4. naar het Europese Hof voor de rechten van de mens Een dergelijke absurde rechtsongelijkheid als hier brutaalweg door de Hoge Raad verkondigd en uitgesproken, kan niet zomaar worden aanvaard. Want waarom zouden Nederlandse ministers wél immuniteit van strafvervolging voor wat betreft misdrijven tegen het internationale humanitaire recht kunnen claimen, waar dit andere hoge functionarissen elders op de wereld zo duidelijk wordt ontzegd ? En zo vormde zich het als het ware een pure noodzaak om nader te gaan onderzoeken hoe hogere, internationale rechtsinstanties daarover zouden oordelen. Zoals al tevoren als traject was vastgesteld hebben we de Schipholbrand en onze eis om Donner en Verdonk daarvoor strafrechtelijk te vervolgen wegens het opleggen van een wrede en onmenselijke behandeling nu eerst voorgelegd aan het Europese Hof voor de rechten van de mens. Als eerste van de internationale rechtsinstanties, die we met onze claim tot vervolging van Donner en Verdonk eventueel willen benaderen. Die stap hebben we dus zeer onlangs gezet. We hebben bij het Europese Hof voor de rechten van de mens namens velen van u, voor zover al eerder als initiatiefnemer bij de zaak betrokken, een verzoekschrift ingediend van ruim 100 pagina's, waarin we eerst nader zijn ingegaan op de formeel-juridische aspecten van de zaak. Maar het overgrote gedeelte van dit verzoekschrift hebben we er aan besteed om, aan de hand van publicaties in de media en persoonlijke getuigenverklaringen, inhoudelijk nog eens precies aan te geven aan welk een wrede en onmenselijke behandeling, ook in de zin van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens, de slachtoffers van de brand tijdens en na de ramp constant onderworpen zijn geweest. Na de brand door hen onmiddellijk opnieuw op te sluiten in brandgevaarlijke en onmenselijke detentie-omstandigheden. En hen vrijwel alle nazorg te onthouden. En tijdens de brand door hen, simpel gezegd, eenvoudig als beesten te bejegenen. Dit gedeelte van het verzoekschrift aan het Europese Hof voor de rechten van de mens, inhoudelijk betrekking hebbend op de aspecten van een wrede en onmenselijke behandeling tijdens en na de brand, hebben we afgesplitst en sturen we u hierbij per mail toe. Een tweede inhoudelijk gedeelte van het verzoekschrift hebben we eveneens apart gezet. Dit tweede inhoudelijke gedeelte van het verzoekschrift sturen we u binnenkort toe. Eveneens ter kennisname. We doen dit gesplitst om de email-zending niet te lang te maken. Het formele gedeelte van het verzoekschrift is voor u, als niet-juristen, wellicht minder interessant. verdere bedoeling met de toesturing aan u van de verschillende gedeeltes van het verzoekschrift aan het Europese Hof Met het toesturen van de inhoudelijke gedeelte van het verzoekschrift aan het Europese Hof tot vervolging van Donner en Verdonk hebben we trouwens niet alleen de bedoeling om u te informeren. Wat we stiekem ook ook hopen is dat we op deze manier belangstellenden kunnen vinden die ons willen helpen met de vertaling van deze inhoudelijke stukken in het Engels. Want, zoals van het eerste begin hebben afgesproken, ook als het Europese Hof voor de rechten van de mens, om welke redenen dan ook, niet thuis zal geven, zullen we het er niet bij laten zitten. We zullen ons dan ook nog wenden tot die andere internationale rechtsinstanties die, op grond van de desbetreffende verdragen, de mogelijkheid hebben om te oordelen over het opleggen van een wrede of onmenselijke behandeling aan personen, in dit geval dus de slachtoffers van de Schipholbrand. Die andere internationale rechtsinstanties zijn dan het Mensenrechtencomité in Genève en het Anti-Foltercomité. Maar als we de zaak voor deze rechtsinstanties zullen moeten aanbrengen dan zal dat in het Engels moeten. Om vertaling te laten uitvoeren in het Engels is voor ons onbetaalbaar. Er is trouwens op zich al geen cent beschikbaar voor deze juridische aktie, dus aan geld ontbreekt het ons te enen male. Daarom hebben we de stille hoop dat zich mensen bij ons zullen melden die bereid zijn om, mocht dat nodig worden, ons te helpen bij het vertalen van deze stukken in het Engels. zoek mee aan een oplossing voor het vertalen in het Engels ! Kent u iemand die deze zaak is toegedaan en die daartoe bereid en in staat zou zijn, of bent u zelf zo iemand, wilt u ons dit dan alsjeblieft zo spoedig mogelijk laten weten ? Het gaat hier niet om perfect Engels, het gaat om de begrijpelijkheid. Meerdere personen die bereid en in staat zijn - een 'native speaker' of een persoon met een goede beheersing van het Engels - stukken vanaf het papier, zin voor zin, zo uit het hoofd, al inlezend op een bandje, in redelijk Engels te vertalen, zou(den) al een zegen en een uitkomst zijn. naar de Tweede Kamer Intussen, terwijl de zaak nu dus bij het Europese Hof voor de rechten van de mens ligt, zitten we met de situatie dat de Hoge Raad heeft bepaald dat van de vervolging van Donner en Verdonk alleen maar sprake kan zijn als de Kroon (dat zijn de ministers zelf), dan wel de meerderheid van de Tweede Kamer (hun politieke vrienden dus) daartoe een besluit neemt. We zullen niet alleen deze absurde uitspraak aanvechten, in de eerste plaats dus bij het Europese Hof voor de rechten van de mens, waartoe inmiddels de belangrijkste stappen zijn gezet, maar we zullen ook die handschoen die de Hoge Raad ons daarmee heeft toegeworpen oppakken. We zullen dus ook de Tweede Kamer binnenkort verzoeken om de (ex-)ministers Donner en Verdonk te vervolgen wegens het opleggen van een wrede en onmenselijke behandeling aan de slachtoffers van de Schipholramp vóór, tijdens en na de brand, een en ander in de zin van het Europees verdrag tot bescherming van de rechten van de mens, het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten en het Verdrag tegen foltering. Niet omdat we geloven dat de Tweede Kamer voor een strafrechtelijke vervolging van Donner en Verdonk te porren zou zijn, maar uitsluitend om opnieuw zout in deze wonde te wrijven. En de Kamer opnieuw met deze kwestie te confronteren. Zodra we daarmee zo ver zijn, ontvangt u ook daarover nadere informatie. stuur het door ! - zet het op de website ! En dan nog het volgende verzoek. Waar het om gaat is dat deze campagne over de Schipholbrand en de vervolging van Donner en Verdonk een zo ruim mogelijke verspreiding krijgt. Als u of uw organisatie mogelijkheden ziet om een brochure te maken met de teksten van de aangiften en nu de teksten van het beroepschrift voor het Europese Hof, laat ons het dan weten. steunverlening Intussen zitten we, vanaf het eerste begin van deze campagne tot vervolging van Donner en Verdonk, helemaal zonder geld hiervoor. Zou u ons financiëel willen steunen, dan is dat meer dan welkom. U kunt dat doen op giro 972992 van de Stichting Steunfonds Juridische Hulp te Zeist o.v.v.'Schipholbrand'. namens het Comité rechtsherstel Nico Steijnen SEE ALSO: SCHIPHO2.doc
|
Upcoming eventsNavigationUser login |